Cabaretière Nele Bauwens is een rasverteller die haar publiek meeneemt naar het café van tante José uit haar kindertijd. Tussen kleurrijke figuren en warme herinneringen toont ze het volkscafé als een echte sociale plek. Tegelijk legt ze het hedendaagse gevoel van vervreemding bloot. Daarnaast worstelt ze met een ‘muzikale afwijking’: haar jukebox wekte het syndroom van oempalapapero, waarbij schlagers zich ongevraagd in haar hoofd nestelen. Dat levert een grappige, ontroerende en muzikale voorstelling vol ambiance op.
Ik wil je.
Hou van me.
Ga nooit meer weg.
Als ze dàt tegen u zeggen: dan snapt ge dat.
Als iemand tegen u zegt: ik wil je -
Dan begrijpt ge: ja… die wilt mij.
Dat is ni filosofisch,
Dat is gewoon duidelijk:
Die mens, die wilt - dat ge van hem houdt.
Oké, tegelijk wilt die daarmee ook wel zeggen
Da ge nooit meer weg moogt.
“Ga nooit meer weg,”
Ook dat is duidelijk:
Da's een héél bezitterig gastje! Daar moet ge mee oppassen,
Die gaat u nog beginnen stalken!...
Maar goed: ge snapt dat.
Ge kunt da ni ni begrijpen.
Zelfs ne kleine van zes
Kan zo’ne schlager verstaan.
schla·ger (de; m; meervoud: schlagers) 1. populaire meezinger