Interview met Joost Van den Branden (Theater Tieret)
Peter Pan, de jongen die niet wilde groeien, een krokodil die tot leven komt en tegelijk een verhaal over verlies en herinnering. In hun nieuwe voorstelling werkt Theater Tieret rond de bekende figuur Peter Pan, maar keert het gezelschap terug naar het oorspronkelijke verhaal van J.M. Barrie. Joost Van den Branden, die begin deze eeuw aan de wieg van Theater Tieret stond, vertelt over het ontstaan van het gezelschap, de kracht van figurentheater, spelen voor kinderen en de bijzondere band met Sint-Niklaas.
Joost, Theater Tieret kiest sinds de oprichting steevast voor figurentheater. Vanwaar deze keuze?
Een pop kan dingen die een acteur niet kan. Peter Pan kan je bijvoorbeeld echt laten vliegen. Maar het gaat verder. Met een pop kan je heel sterk de verbeelding van het publiek aanspreken. Door beweging, blik en spel kan je de aandacht sturen en tegelijk verschillende lagen in een verhaal leggen. Mensen vergeten echt dat er ook acteurs op het podium staan en gaan helemaal op in het verhaal.
Dat is precies wat jullie met het verhaal van Peter Pan lijken te doen. Jullie vertrekken niet van de Disneyversie?
Nee, we wilden terug naar het oorspronkelijke verhaal van J.M. Barrie. Die vertelt eigenlijk het verhaal van zijn gestorven broer, die jongen die -letterlijk- nooit oud kon worden. Barries verhaal is ook sterk verbonden met verlies en rouw. Dat gegeven hebben wij meegenomen in onze voorstelling. We vertellen het verhaal van een koppel dat een kind heeft verloren. 'Peter Pan' was het favoriete verhaal van hun kind en wordt zo een manier om met dat verlies om te gaan.
Daardoor kan iedereen de voorstelling op een andere manier beleven. Jonge kinderen zien Peter Pan, de krokodil en de avonturen. Anderen ontdekken meerdere lagen van verdriet, herinnering en afscheid.
Is dat ook de uitdaging wanneer je voor kinderen speelt: iets vertellen dat niet te zwaar wordt?
Absoluut. We willen kinderen in de eerste plaats een fijne voorstelling geven. Ze moeten plezier hebben en meegenomen worden in het verhaal. Maar we willen hen ook iets meegeven. Het mag nooit zwaar worden, maar er mogen wel thema's in zitten die blijven hangen.
Kinderen zijn bovendien heel eerlijke toeschouwers. Ze reageren onmiddellijk op wat ze zien. Dat maakt spelen voor kinderen zo bijzonder.
Waarom vinden jullie die schoolvoorstellingen zo belangrijk?
Omdat je daar een heel breed publiek bereikt. Je speelt ook voor kinderen die misschien niet vanzelf naar een theater zouden gaan. In sommige scholen zitten bovendien veel kinderen die 'Peter Pan' helemaal niet kennen. Daarom proberen we niet alleen op het bekende verhaal te leunen.
De thema’s die aan bod komen zijn universeel. Verlies, herinnering, afscheid: iedereen kan daar op zijn eigen manier iets in herkennen.
Jullie werken al jaren samen met SN!K. Wat maakt die samenwerking zo waardevol?
We voelen ons hier echt thuis. We kunnen er verschillende keren spelen en krijgen de tijd en ruimte om te repeteren en een voorstelling helemaal op punt te zetten. We kennen het Sint-Niklase publiek ondertussen ook goed.
‘Peter Pan’ is technisch trouwens geen eenvoudige voorstelling. Wanneer Peter gaat vliegen, heb je bijvoorbeeld meer ruimte nodig. Dat heeft gevolgen voor de belichting, de muziek en de techniek. Daarom is het heel waardevol dat we hier de tijd krijgen om dat allemaal goed uit te werken.
Wanneer weet je dat een voorstelling echt geslaagd is?
Als je ze veel kunt spelen. We zitten voor ‘Peter Pan’ aan bijna zeventig voorstellingen. Dat is heel mooi. Door zo vaak te spelen, kan je een voorstelling telkens opnieuw verfijnen.
En we zijn nog niet klaar met ‘Peter Pan’. We nemen de voorstelling ook volgend seizoen opnieuw mee. Daarna willen we ermee naar Nederland. Dat is een mooie volgende stap.
Want uiteindelijk is dat misschien het mooiste aan theater: dat een verhaal blijft groeien terwijl je het telkens opnieuw vertelt.
Bedankt voor het fijne gesprek, Joost, en een goede première gewenst!